Bundel De NieuwepsalmberijmingDe steun van een vrienden- kring die elk jaar een be- scheiden steentje bijdraagt is onmisbaar voor ons.

Word daarom vriend van stichting Dicht bij de Bijbel en ontvang het boek 'Alleen Uw liefde laat mij leven' t.w.v. € 18,99 geheel gratis!

Schrijf je in voor de nieuwsbrief:

Eindelijk! Taal verandert razendsnel. Toch was de jongste officiële psalmberijming al dik 50 jaar oud. Voor de gemiddelde jongere een bijna onbegrijpelijk taalkleed. Super dat naast initiatieven als 'Psalmen voor Nu' en 'Levensliederen' er nu dit initiatief is. Lees meer »

Ds. K. de Vries | Gereformeerde Kerk Vrijgemaakt, Tituskapel te Amsterdam Zuid/West

Ds. K. de Vries
Gereformeerde Kerk Vrijgemaakt, Tituskapel te Amsterdam Zuid/West

Lees alle quotes

Psalm 120

De nieuwe psalmberijming

1. Wanneer ik kamp met tegenslagen
antwoordt de HEER op al mijn klagen.
Verlos mij, HEER, van hen die liegen
en altijd maar de boel bedriegen.
Hoe gaat U mij van hen bevrijden,
hoe laat U de verraders lijden?
Vuur pijlen op hen af uit wraak.
Schiet met uw bliksemschichten raak.

2. Ik voel mij eenzaam en verloren,
omdat geen mens bij mij wil horen.
Ik ben een zwerver, een ontheemde,
op eigen grondgebied een vreemde.
Ik woon bij hen die vrede haten
en liever over oorlog praten.
Hoe ik hen ook tot kalmte maan,
zij willen steeds de strijd aangaan.

Tekst: Jan Pieter Kuijper

© Small Stone Media t/a Dicht bij de Bijbel
Alle rechten voorbehouden

De nieuwe psalmberijming

1. Wanneer ik kamp met tegenslagen
antwoordt de HEER op al mijn klagen.
Verlos mij, HEER, van hen die liegen
en altijd maar de boel bedriegen.
Hoe gaat U mij van hen bevrijden,
hoe laat U de verraders lijden?
Vuur pijlen op hen af uit wraak.
Schiet met uw bliksemschichten raak.

2. Ik voel mij eenzaam en verloren,
omdat geen mens bij mij wil horen.
Ik ben een zwerver, een ontheemde,
op eigen grondgebied een vreemde.
Ik woon bij hen die vrede haten
en liever over oorlog praten.
Hoe ik hen ook tot kalmte maan,
zij willen steeds de strijd aangaan.

Tekst: Jan Pieter Kuijper

© Small Stone Media t/a Dicht bij de Bijbel
Alle rechten voorbehouden

Geef feedback op deze psalm

Gebruik in diensten

Wij willen u aanmoedigen de liederen binnen uw kerkelijke gemeenschap te zingen, uit te voeren, teksten af te drukken en/of liedteksten te projecteren. Wij verwachten hierbij echter wel dat u een CCLi Licentie heeft afgesloten. Voor meer informatie CCLi Benelux.

Beamsheets

Van alle psalmen zijn beamsheets beschikbaar, zie de downloadlink hieronder. De beamsheets hebben een transparante achtergrond. U kunt uw eigen achtergrond gebruiken.
Wij raden u af om van de beamsheets een eigen database op te bouwen, omdat er op detail nog wel eens een wijziging wordt doorgevoerd in de tekst. Download dus bij de voorbereidingen van uw beamerpresentatie altijd de meest recente sheets van onze website.

Download hier de beamsheets

Audio-opname

Gespeeld door Dick Sanderman (via: PCorgel.nl)

1. 'k Riep tot den Oorsprong aller dingen,
Tot God, in mijn bekommeringen,
En Hij verhoorde mijn gebeden,
Naar Zijne goedertierenheden.
O, HEER' ! doe mij den strik ontslippen
Der veinzerij en valse lippen;
Behoed mij voor de bitse tong,
Die mij met leugentaal besprong.

2. Wat voordeel zal 't bedrog u baren,
Vermetel rot van lasteraren?
Wat voordeel zal u in dit leven
Uw bitse tong, Uw boosheid geven?
Gij haalt op u, o leugensprekers!
De pijlen enes sterken wrekers,
En een jeneverkolengloed,
Waardoor gij haast verbranden moet.

3. Wee mij, die rust en hulp moet derven,
In Mesech als een vreemd'ling zwerven,
En steeds in Kedars tenten wonen,
Bij mensen, die mij bitter honen!
Ik heb reeds lang mij opgehouden
Bij hen, die nooit op God betrouwden;
Bij hen, die, tot mijn bitterst wee,
Een afschrik hebben van den vree.

4. Ik zoek den vree steeds aan te kweken;
Maar kan er nauwelijks van spreken,
Of 'k zie mijn reden afgebroken,
En hen tot woed' en krijg ontstoken.

1. Als ik met zwaar kruis ben beladen,
Ik roepe tot God vol genade;
Mijn gebed komt tot Zijne oren,
Hij placht mij altijd te verhoren.
Voor de leugenachtige monden
En valse tongen t' alle stonden
Wil mijn ziel, naar Uw goedigheid,
Verlossen, Heer, in eeuwigheid.

2. Wat kan de valse tongen stichten?
Wat kan de leugenaar uitrichten?
Wat zullen zijn listige zinnen
En valse tongen toch gewinnen?
Uw woorden zijn als scherpe pijlen,
Die een sterk man schiet onderwijlen;
Uwe reden zijn vol venijn,
Als gloeiende kolen zij zijn.

3. Wee mij! dat ik vreemd'ling moet wezen
In Mesech, vervloekt en misprezen;
Dat ik in Kedars tenten blijven
Moet, daar ze niet dan boosheid drijven.
Dat ik zo lange ben verlaten
Bij hen, die steeds den vrede haten.
Ik die pais zoeke zonder dwang,
Ben bij hen geweest veel te lang.

4. Ik spreke met hen van den vrede,
Zij verwilligen niet daarmede;
Als naar den pais staat mijn verlangen,
Alsdan zij eerst den krijg aanvangen.

1. Ik hief mijn stem in vrees en beven
tot God, en Hij wou antwoord geven.
Ik was bekommerd en ik zeide;
"Ach Here, kom mij toch bevrijden
van wie het rechte woord verdraaien,
wier lippen niets dan leugen zaaien".
Gij lastertong, wacht van Gods hand
een scherpe pijl, een felle brand!

2. Wee mij, want ik ben een ontheemde,
ik lijd hier in een land van vreemden,
reeds al te lang slijt ik verlaten
mijn leven bij wie vrede haten.
Vrede, behoedster van het leven,
u heb ik heel mijn hart gegeven.
Vrede, hoezeer ik voor u pleit,
hun woord is haat, zij gaan ten strijd.

1. Ik riep tot God in bange dagen.
De Heer gaf antwoord op mijn klagen.
Red, Here, mij van leugenmonden,
van hen die trouw en waarheid schonden.
Hoe zal de Heer de laster wreken
van u die leugentaal blijft spreken?
Door pijlen, scherper dan uw mond,
door vuur dat meer dan laster wondt.

2. Wee mij, die nergens rust kan vinden,
die wonen moet bij kwaadgezinden.
Ik mis in Mesech alle vrede,
uit Kedars tenten klinkt mijn bede.
Te lang woon ik, geheel verlaten,
bij mensen die de vrede haten.
En hoe ik ook voor vrede pleit,
zij zijn alleen maar uit op strijd.