Bundel De NieuwepsalmberijmingDe steun van een vrienden- kring die elk jaar een be- scheiden steentje bijdraagt is onmisbaar voor ons.

Word daarom vriend van stichting Dicht bij de Bijbel en ontvang het boek 'Alleen Uw liefde laat mij leven' t.w.v. € 18,99 geheel gratis!

Schrijf je in voor de nieuwsbrief:

In onze gemeente willen we graag de psalmen blijven zingen. Het zijn prachtige liederen waarin allerlei aspecten van het leven met God bezongen worden. Helaas was de mooie inhoud soms in lastige of ouderwetse taal verstopt. De Nieuwe Psalmberijming helpt om te begrijpen wat we zingen. Lees meer »

Ds. E.C. Vreugdenhil | Gereformeerde Kerk Katwijk aan Zee

Ds. E.C. Vreugdenhil
Gereformeerde Kerk Katwijk aan Zee

Lees alle quotes

Psalm 121

De nieuwe psalmberijming

1. Ik kijk vanuit het diepe dal
tegen de bergen aan.
Hoe moet ik verdergaan?
Het is de HEER die helpen zal!
De schepper van het leven
zal mij bescherming geven.

2. Hij slaapt niet en Hij dommelt niet.
Al gaat het steil omhoog,
Hij houdt je in het oog.
Als Israëls bewaker ziet
dat je dreigt uit te glijden,
komt Hij snel tussenbeide.

3. Geen ogenblik ga je alleen.
Pal aan je rechterzij
is Hij er altijd bij.
Hij is de schaduw om je heen.
Fel zonlicht zal Hij weren;
de maan zal je niet deren.

4. De HEER behoedt je voor het kwaad.
Hij geeft je veiligheid
voor nu en voor altijd.
Al is de weg waarop je gaat
vol dreigende gevaren,
de HEER zal je bewaren.

Tekst: Jan Pieter Kuijper

© Small Stone Media t/a Dicht bij de Bijbel
Alle rechten voorbehouden

De nieuwe psalmberijming

1. Ik kijk vanuit het diepe dal
tegen de bergen aan.
Hoe moet ik verdergaan?
Het is de HEER die helpen zal!
De schepper van het leven
zal mij bescherming geven.

2. Hij slaapt niet en Hij dommelt niet.
Al gaat het steil omhoog,
Hij houdt je in het oog.
Als Israëls bewaker ziet
dat je dreigt uit te glijden,
komt Hij snel tussenbeide.

3. Geen ogenblik ga je alleen.
Pal aan je rechterzij
is Hij er altijd bij.
Hij is de schaduw om je heen.
Fel zonlicht zal Hij weren;
de maan zal je niet deren.

4. De HEER behoedt je voor het kwaad.
Hij geeft je veiligheid
voor nu en voor altijd.
Al is de weg waarop je gaat
vol dreigende gevaren,
de HEER zal je bewaren.

Tekst: Jan Pieter Kuijper

© Small Stone Media t/a Dicht bij de Bijbel
Alle rechten voorbehouden

Geef feedback op deze psalm

Gebruik in diensten

Wij willen u aanmoedigen de liederen binnen uw kerkelijke gemeenschap te zingen, uit te voeren, teksten af te drukken en/of liedteksten te projecteren. Wij verwachten hierbij echter wel dat u een CCLi Licentie heeft afgesloten. Voor meer informatie CCLi Benelux.

Beamsheets

Van alle psalmen zijn beamsheets beschikbaar, zie de downloadlink hieronder. De beamsheets hebben een transparante achtergrond. U kunt uw eigen achtergrond gebruiken.
Wij raden u af om van de beamsheets een eigen database op te bouwen, omdat er op detail nog wel eens een wijziging wordt doorgevoerd in de tekst. Download dus bij de voorbereidingen van uw beamerpresentatie altijd de meest recente sheets van onze website.

Download hier de beamsheets

Audio-opname

Gespeeld door Dick Sanderman (via: PCorgel.nl)

1. 'k Sla d' ogen naar 't gebergte heen,
Vanwaar ik dag en nacht
Des Hoogsten bijstand wacht.
Mijn hulp is van den HEER' alleen,
Die hemel, zee en aarde,
Eerst schiep, en sinds bewaarde.

2. Hij is al treft u 't felst verdriet,
Uw Wachter, die uw voet
Voor wankelen behoedt;
Hij, Isrels Wachter, sluimert niet;
Geen kwaad zal u genaken;
De HEER' zal u bewaken.

3. Zijn wacht, waarop men hopen mag,
Zal, daar zij u bedekt
En u ter schaduw strekt,
De maan bij nacht, de zon bij dag,
In koud' en gloed vermind'ren,
Opdat zij u niet hind'ren.

4. De HEER' zal u steeds gadeslaan,
Opdat Hij in gevaar,
Uw ziel voor ramp bewaar'.
De HEER', 't zij g' in of uit moogt gaan,
En waar g' u heen moogt spoeden,
Zal eeuwig u behoeden.

1. Tot de bergen hef ik op mijn
Ogen, ende vandaar
Verwacht ik hulp eenpaar.
Maar op God Die gemaakt heeft fijn
Hemel en aard' in 't ronde,
Wil ik mij vast'lijk gronden.

2. God zal niet laten uwen voet
Struikelen, want altijd
Waakt Hij en u bevrijdt.
Hij slaapt niet, Die Israël hoedt,
Maar waakt aan alle zijden,
En sluimt tot genen tijden.

3. God zal van boven u bijstaan,
Die u ter rechterhand
Staat tot uwen bijstand,
's Daags zal u de zonne niet slaan,
De mane koud met schaden,
Zal u 's nachts niet beladen.

4. God behoedt u voortaan van kwaad;
Hij zal uw ziel voorwaar
Behoeden voor gevaar;
En als gij uit- of ook ingaat,
Zal Hij u steeds bevrijden
En met gaven verblijden.

1. Ik sla mijn ogen op en zie
de hoge bergen aan,
waar komt mijn hulp vandaan?
Mijn hulp is van mijn Here, die
dit alles heeft geschapen.
Mijn herder zal niet slapen.

2. Uw wank'le voeten zet Hij vast,
als gij geen uitkomst ziet:
uw wachter sluimert niet!
Zijn oog wordt door geen slaap verrast,
Hij wil, als steeds voor dezen,
Israël wachter wezen.

3. De Heer brengt al uw heil tot stand,
des daags en in de nacht
houdt Hij voor u de wacht.
uw schaduw aan uw rechterhand;
de zon zal U niet schaden,
de maan doet niets ten kwade.

4. De Heer zal u steeds gadeslaan,
Hij maakt het kwade goed,
Hij is het die u hoedt.
Hij zal uw komen en uw gaan,
wat u mag wedervaren,
in eeuwigheid bewaren.

1. Ik sla mijn ogen op en zie
de hoge bergen aan,
waar komt mijn hulp vandaan?
Mijn hulp is van mijn Here, die
dit alles heeft geschapen.
Mijn herder zal niet slapen.

2. Uw wankle voeten zet Hij vast,
als gij geen uitkomst ziet:
uw wachter sluimert niet!
Zijn oog wordt door geen slaap verrast,
Hij wil, als steeds voor dezen,
Israëls wachter wezen.

3. De Heer brengt al uw heil tot stand,
des daags en in de nacht
houdt Hij voor u de wacht.
Uw schaduw aan uw rechterhand:
de zon zal u niet schaden,
de maan doet niets ten kwade.

4. De Heer zal u steeds gadeslaan,
Hij maakt het kwade goed,
Hij is het die u hoedt.
Hij zal uw komen en uw gaan,
wat u mag wedervaren,
in eeuwigheid bewaren.