Bundel De NieuwepsalmberijmingDe steun van een vrienden- kring die elk jaar een be- scheiden steentje bijdraagt is onmisbaar voor ons.

Word daarom vriend van stichting Dicht bij de Bijbel en ontvang het boek 'Alleen Uw liefde laat mij leven' t.w.v. € 18,99 geheel gratis!

Schrijf je in voor de nieuwsbrief:

In onze gemeente willen we graag de psalmen blijven zingen. Het zijn prachtige liederen waarin allerlei aspecten van het leven met God bezongen worden. Helaas was de mooie inhoud soms in lastige of ouderwetse taal verstopt. De Nieuwe Psalmberijming helpt om te begrijpen wat we zingen. Lees meer »

Ds. E.C. Vreugdenhil | Gereformeerde Kerk Katwijk aan Zee

Ds. E.C. Vreugdenhil
Gereformeerde Kerk Katwijk aan Zee

Lees alle quotes

Psalm 52

De nieuwe psalmberijming

1. Wat sta je het kwaad aan te prijzen,
jij zogenaamde held?
Je spot met God. Je handelwijze
bevordert grof geweld.
Je leugens zaaien ongeluk.
Je tong maakt alles stuk.

2. God zal je vastgrijpen en breken.
Je bent er gloeiend bij.
Gods knechten zullen ervan spreken,
geschokt, maar toch ook blij:
‘Hij ging voor goud en niet voor God.
Dat maakte hem kapot.’

3. Als een olijfboom mag ik leven
in Gods aanwezigheid.
Hij zal mij volop liefde geven,
nu en in eeuwigheid.
Ik prijs zijn naam, waarvan ik houd,
met elk die Hem vertrouwt.

Tekst: Arie Maasland

© Small Stone Media t/a Dicht bij de Bijbel
Alle rechten voorbehouden

De nieuwe psalmberijming

1. Wat sta je het kwaad aan te prijzen,
jij zogenaamde held?
Je spot met God. Je handelwijze
bevordert grof geweld.
Je leugens zaaien ongeluk.
Je tong maakt alles stuk.

2. God zal je vastgrijpen en breken.
Je bent er gloeiend bij.
Gods knechten zullen ervan spreken,
geschokt, maar toch ook blij:
‘Hij ging voor goud en niet voor God.
Dat maakte hem kapot.’

3. Als een olijfboom mag ik leven
in Gods aanwezigheid.
Hij zal mij volop liefde geven,
nu en in eeuwigheid.
Ik prijs zijn naam, waarvan ik houd,
met elk die Hem vertrouwt.

Tekst: Arie Maasland

© Small Stone Media t/a Dicht bij de Bijbel
Alle rechten voorbehouden

Geef feedback op deze psalm

Gebruik in diensten

Wij willen u aanmoedigen de liederen binnen uw kerkelijke gemeenschap te zingen, uit te voeren, teksten af te drukken en/of liedteksten te projecteren. Wij verwachten hierbij echter wel dat u een CCLi Licentie heeft afgesloten. Voor meer informatie CCLi Benelux.

Audio-opname

Gespeeld door Dick Sanderman (via: PCorgel.nl)

1. Waartoe u dus beroemd in 't kwade,
Vermeet'le dwingeland?
Ik steun gerust op Gods genade,
En trouwen onderstand;
Zijn goedheid duurt den gansen dag;
Zijn almacht wekt ontzag.

2. Uw tong, die toelegt om te schaden,
En als een scheermes snijdt,
Durft zich met snood bedrog beraden,
Uit bitt'ren wrok en nijd.
Gij mint het onrecht; haat de deugd;
De logen baart u vreugd'.

3. Gij grieft mij door uw schamp're woorden,
Door taal, die mij verbaast.
Gij tracht mij door uw tong te moorden;
Maar beef; gij wordt welhaast
Door God, die uw gedrag verfoeit,
Voor eeuwig uitgeroeid.

4. God zal u voor Zijn wraak doen bukken,
En door Zijn sterke hand,
U uit uw tent en schuilplaats rukken;
Ontwort'len uit uw stand.
De vromen zullen, vrij van nood,
Dan lachen om uw dood.

5. "Zie", zal men zeggen, "zie den dwaze,
Die, op zijn rijkdom stout,
Ons wilde door zijn macht verbazen,
Op God niet heeft vertrouwd;
Zijn sterkte kreeg hij door geweld.
Nu ligt hij neergeveld."

6. Maar ik zal als d' olijfboom groeien,
In 't huis des groten Gods;
Ik zal in eer en godsvrucht bloeien.
God is mijn steun en rots;
Op Zijne gunst, mij toegezeid,
Vertrouw 'k in eeuwigheid.

7. Mijn God, U zal ik eeuwig loven,
Omdat Gij 't hebt gedaan.
'k Verwacht Uw trouwe hulp van boven;
Uw waarheid zal bestaan.
Uw Naam is voor 't oprecht gemoed,
Van al Uw gunstvolk goed.

1. Zeg gij, tiran, waarop gij bouwet
Met geweld en boosheid,
Hoe staat gij zo ende betrouwet
Op uw ongerechtheid?
Nochtans is Gods bijstandigheid
Ons dagelijks bereid.

2. Uw tong alleen schadet en kwellet,
En is tot allen tijd,
Als een scheermes zeer wel gestellet,
Dat zeer scherpelijk snijdt.
Gij bemint valsheid en dat kwaad
Meer dan 't recht metterdaad.

3. Om woorden die zeer kunnen schaden
Te spreken zijt gij snel.
Maar God zal u straffen en smaden,
Gij valse tonge fel;
Gij wordt doorsneden en verdrukt,
Ja uit uw plaats gerukt.

4. Gij boze, gij wordt uitgehouwen
Tot den wortel meteen;
't Welk de vromen zullen aanschouwen,
Met een vreze niet kleen,
En lachende met Uwen val,
Zullen zij spreken al:

5. Dit is hij, die niet heeft verkoren
God tot zijn hulp allein,
Maar op zijn rijkdommen al voren
Steld' hij zijn hart onrein;
Hij heeft hem gesterkt met boosheid
En ongerechtigheid.

6. Maar ik, die nu ben en zal wezen
Alleen stout ende koen
Op Gods goedigheid hoog geprezen,
Als een olijfboom groen,
Zal geplant zijn midden eenpaar
In Godes huis eerbaar.

7. Dan zal ik voor deez' wrake, Heere,
U steeds prijzen voortaan;
En op U, vol van macht en ere,
Gronden en blijven staan;
Want Uw goedheid veel goeds doen zal
Uwen volk overal.

1. Waarom toch het kwaad zo te prijzen,
ontzaggelijke held?
God immers heeft zijn gunstbewijzen
vast over ons gesteld.
Uw tong die als een scheermes snijdt
werkt enkel bitterheid.

2. Uw voorkeur gaat uit naar het kwade,
de leugen lacht u aan.
Uw woorden brengen schand' en schade.
Gij laat de laster gaan.
Maar God, die elke waan doorbreekt,
breekt u wanneer Hij spreekt.

3. Hij zal voor zijn macht u doen bukken,
teniet doen in het stof.
Hij zal u uit het leven rukken,
ontwort'len uit uw hof.
En 't volk dat veilig is bij God,
zal lachen om uw lot.

4. "Daar ligt hij die God zo verachtte,
die snoever van geweld,
die alles van zichzelf verwachtte.
Daar ligt hij neergeveld.
Daar ligt hij die zijn buidel had
tot schutse en tot schat".

5. Gods lof draag ik door de seizoenen;
zijn daden houden stand.
Ik zal als een olijfboom groenen,
beschaduwd door zijn hand.
Wij wachten, aan U toegewijd,
uw goed' aanwezigheid.

1. Waarom beroemt u zich op 't kwade,
brutale dwingeland?
De hele dag duurt Gods genade,
mijn heil ligt in zijn hand.
Uw tong, die als een scheermes snijdt,
zaait slechts verderf en nijd.

2. Het kwaad verkiest u boven 't goede,
u hangt de leugen aan.
Bedriegen wordt u nimmer moede,
u laat in haat zich gaan.
Maar God straft uw vermetelheid,
verbreekt u voor altijd.

3. God zal u uit dit leven rukken,
u sleuren uit uw tent.
Hij zal u voor zijn wraak doen bukken,
tot u ontworteld bent.
Dan ligt u daar, door God geveld,
voorbij is uw geweld.

4. Rechtvaardigen zullen 't aanschouwen
met huivering en spot:
ziedaar de man die zijn vertrouwen
niet stellen wou op God.
Hij bouwde op zijn geld en macht,
wat hem dit onheil bracht.

5. Maar in Gods huis zal ik verkeren,
een groene boom gelijk.
Gods goedheid zal ik nooit ontberen,
zijn gunst alleen maakt rijk.
Ik bouw op zijn barmhartigheid,
vertrouw op Hem altijd.

6. Mijn God, ik zal U altijd prijzen,
omdat U 't hebt volbracht,
uw naam, die goed is, eer bewijzen,
uw naam die ik verwacht
en in de tegenwoordigheid
van heel uw volk belijd.