Bundel De NieuwepsalmberijmingDe steun van een vrienden- kring die elk jaar een be- scheiden steentje bijdraagt is onmisbaar voor ons.

Word daarom vriend van stichting Dicht bij de Bijbel en ontvang het boek 'Alleen Uw liefde laat mij leven' t.w.v. € 18,99 geheel gratis!

Schrijf je in voor de nieuwsbrief:

In onze gemeente proberen we het oude van de traditie in verbinding te brengen met het nieuwe van nu. De Nieuwe Psalmberijming sluit daar perfect bij aan. Op deze manier kunnen we met jong en oud de psalmen blijven zingen. Lees meer »

Ds. E. de Jong | Doopsgezinde Gemeente te Ouddorp

Ds. E. de Jong
Doopsgezinde Gemeente te Ouddorp

Lees alle quotes

Psalm 92

De nieuwe psalmberijming

1. Goed is het U te danken,
te prijzen op uw dag,
U, HEER, met diep ontzag
te eren bij mijn klanken.
Goed is het in de morgen
te zingen van uw macht.
Goed is het in de nacht
te danken voor uw zorgen.

2. U maakt mij opgetogen!
Wat U op aarde doet
is wonderbaarlijk goed;
blij zal ik U verhogen.
Hoe groot zijn, HEER, uw werken;
uw wijsheid kent geen maat.
Een dwaas is niet in staat
daar iets van op te merken.

3. U laat de dwazen groeien
als gras dat goed gedijt - 
om hen na korte tijd
volledig uit te roeien.
U, HEER, bent hoog verheven.
Uw haters om mij heen
drijft U met kracht uiteen;
niet één van hen blijft leven.

4. Mijn rug wilt U weer rechten.
U geeft mij nieuwe moed
om in de strijd die woedt
de vijand te bevechten.
Ik zie wie mij belagen
voorgoed te gronde gaan
en hoor wat zij doorstaan.
Door U zijn ze verslagen.

5. Rechtvaardigen floreren
als palmen in de zon,
zoals op Libanon
de ceders imponeren.
Ze staan gericht naar boven,
geworteld op Gods plein.
De plaats waar God wil zijn,
de plek om Hem te loven.

6. Ze blijven heel hun leven,
hoe oud ook, groen en fris.
Hoe goed God voor hen is
blijkt uit wat zij Hem geven:
zij dragen rijpe vruchten
en brengen Hem de eer.
Hij is mijn rots, de HEER
naar wie ik toe mag vluchten.

Tekst: Jan Pieter Kuijper

© Small Stone Media t/a Dicht bij de Bijbel
Alle rechten voorbehouden

De nieuwe psalmberijming

1. Goed is het U te danken,
te prijzen op uw dag,
U, HEER, met diep ontzag
te eren bij mijn klanken.
Goed is het in de morgen
te zingen van uw macht.
Goed is het in de nacht
te danken voor uw zorgen.

2. U maakt mij opgetogen!
Wat U op aarde doet
is wonderbaarlijk goed;
blij zal ik U verhogen.
Hoe groot zijn, HEER, uw werken;
uw wijsheid kent geen maat.
Een dwaas is niet in staat
daar iets van op te merken.

3. U laat de dwazen groeien
als gras dat goed gedijt - 
om hen na korte tijd
volledig uit te roeien.
U, HEER, bent hoog verheven.
Uw haters om mij heen
drijft U met kracht uiteen;
niet één van hen blijft leven.

4. Mijn rug wilt U weer rechten.
U geeft mij nieuwe moed
om in de strijd die woedt
de vijand te bevechten.
Ik zie wie mij belagen
voorgoed te gronde gaan
en hoor wat zij doorstaan.
Door U zijn ze verslagen.

5. Rechtvaardigen floreren
als palmen in de zon,
zoals op Libanon
de ceders imponeren.
Ze staan gericht naar boven,
geworteld op Gods plein.
De plaats waar God wil zijn,
de plek om Hem te loven.

6. Ze blijven heel hun leven,
hoe oud ook, groen en fris.
Hoe goed God voor hen is
blijkt uit wat zij Hem geven:
zij dragen rijpe vruchten
en brengen Hem de eer.
Hij is mijn rots, de HEER
naar wie ik toe mag vluchten.

Tekst: Jan Pieter Kuijper

© Small Stone Media t/a Dicht bij de Bijbel
Alle rechten voorbehouden

Geef feedback op deze psalm

Gebruik in diensten

Wij willen u aanmoedigen de liederen binnen uw kerkelijke gemeenschap te zingen, uit te voeren, teksten af te drukken en/of liedteksten te projecteren. Wij verwachten hierbij echter wel dat u een CCLi Licentie heeft afgesloten. Voor meer informatie CCLi Benelux.

Beamsheets

Van alle psalmen zijn beamsheets beschikbaar, zie de downloadlink hieronder. De beamsheets hebben een transparante achtergrond. U kunt uw eigen achtergrond gebruiken.
Wij raden u af om van de beamsheets een eigen database op te bouwen, omdat er op detail nog wel eens een wijziging wordt doorgevoerd in de tekst. Download dus bij de voorbereidingen van uw beamerpresentatie altijd de meest recente sheets van onze website.

Download hier de beamsheets

Audio-opname

Gespeeld door Dick Sanderman (via: PCorgel.nl)

1. Laat ons den rustdag wijden,
Met psalmen tot Gods eer.
't Is goed, o Opperheer,
Dat w' ons in U verblijden.
't Zij d' uchtendstond, vol zoetheid,
Ons stelt Uw gunst in 't licht;
't Zij ons de nacht bericht,
Van Uwe trouw en goedheid.

2. 't Voegt ons met blijde klanken,
Door 't voorbedachte lied,
Hem, die het al gebiedt,
Op harp en luit te danken,
Gij hebt door Uw vermogen,
O HEER', mijn hart verheugd;
Ik zal, verrukt van vreugd,
Uw grote daan verhogen.

3. Hoe groot zijn, HEER', Uw werken!
Hoe ver gaat Uw beleid.
Gij stelt, met mogendheid,
Elk deel zijn juiste perken.
Een ziel, aan 't stof gekluisterd,
Beseft Uw daden niet;
Geen dwaas weet, wat hij ziet;
Zijn oordeel is verduisterd.

4. Dat vrij, als groene telgen,
De boze welig groei';
Gij zult, in zijnen bloei,
Voor eeuwig hem verdelgen.
Niets stelt U immer palen;
Gij zijt de hoogst' in macht;
Gij zijt de HEER' ; Uw kracht
Zal eeuwig zegepralen.

5. Wie U durft wederstreven,
Wie onrecht durft begaan.
Zult Gij, o God, weerstaan,
Verstrooien en doen sneven.
Gij zult mijn eer vergroten,
Mij sterken in mijn stand.
Ik ben door Uwe hand,
Met olie overgoten.

6. Mijn nog zal hen aanschouwen,
Die listig al mijn paan,
In 't heim'lijk gadeslaan;
Mij telkens onrust brouwen.
Ook zal mijn oor eens horen,
Dat Gij de bozen straft,
Dat Gij mij wraak verschaft
Van hen, die mij verstoren.

7. 't Rechtvaardig volk zal bloeien,
Gelijk op Libanon;
Bij 't koest'ren van de zon,
De palm en ceder groeien.
Zij, die in 't huis des HEEREN,
In 't voorhof zijn geplant,
Zien door des Hoogsten Hand,
Hun wasdom steeds vermeeren.

8. In hunne grijze dagen,
Blijft hunne vreugd gewis;
Zij zullen, groen en fris,
Gewenste vruchten dragen.
Om met verheugde monden,
Te roemen 't recht mijns Gods.
In Hem, mijn vaste rots,
Is 't onrecht nooit gevonden.

1. Het zijn heerlijke dingen,
Als men U looft, o Heer!
Als men des Hoogsten eer
Met harte goed mag zingen;
Als men 's morgens verkondet
Des Heeren goedigheid,
En Zijn getrouwigheid
Des nachts ook steeds vermondet.

2. Op dat spel van tien snaren,
En op den psalter zoet,
Ja ook op harpen goed,
Wil ik Zijn lof verklaren,
Want Uw heilige werken
Verheugen mijn hart zeer
En Uwe daden, Heer,
Roem ik zo men kan merken.

3. Hoe heerlijk zijn mits dezen
Uwe werken bekend,
Hoe groot en zonder end
Is Uw wijsheid geprezen!
Dit en kan niet betrachten
De mense dwaas en bot;
Een overstandig zot
Kan dit terecht niet achten.

4. Dat de godd'lozen groeien
Als 't gras doet op dat veld,
Die kwaad doen met geweld,
In voorspoed t' zamen bloeien;
Opdat zij daarna vallen
En eeuwiglijk vergaan.
Maar Gij Heer, zijt voortaan
God, geëerd boven allen.

5. Want zie Heer, Uw vijanden
Zullen verderven al,
De boosdoeners ten val
Zullen komen met schanden.
Mijn hoorne daarentegen
Zal zeer verhoget zijn,
Gij zult mij doen gaan fijn,
Alzo d' eenhoornen plegen.

6. Heer! met olie vol trouwen
Werd ik gezalfd zeer klaar;
Aan mijn vijanden daar
Zal ik mijn lust aanschouwen.
Mijn oren zullen horen
Haren lust haast en snel,
Aan der bozen val fel,
Die mij willen verstoren.

7. Dan zal wassen en bloeien
De mens oprecht en vroom;
En als de palmenboom
En cederboom ook groeien.
Zij, die de Heer wil planten
In Zijn voorhoven rein,
Zullen al in 't gemein
Groeien aan alle kanten.

8. Ja ook oud zijnd' al t' zame,
Zullen zij zijn vruchtbaar,
En groeien voor en naar,
Vol vruchten aangename.
Dat van hen zij beleden,
Dat God mijn toevlucht is,
Zuiver en rein gewis
Van ongerechtigheden.

1. Waarlijk, dit is rechtvaardig
dat men den Here prijst,
dat men Hem eer bewijst:
zijn naam is eerbied waardig.
Wij loven in de morgen
uw goedertierenheid,
ook als de nacht zich spreidt
houdt ons uw hand geborgen.

2. Gezegend zal Hij wezen
die ons bij name riep,
die zelf de adem schiep
waarmee Hij wordt geprezen;
laat alom musiceren,
met stem en instrument,
maak wijd en zijd bekend
de grote naam des Heren.

3. Gij hebt mij door uw daden,
o Here God, verheugd.
Mijn hart is vol van vreugd,
ik juich om uw genade.
Hoe groot zijn uwe werken,
de werken uwer hand,
Gij houdt het volk in stand.
Gij zult hun hart versterken.

4. Hoe diep zijn uw gedachten!
Geen dwaas die dat verstaat:
als onkruid groeit het kwaad;
hoe lang zult Gij nog wachten?
Zie toch, aan alle zijden
plant zich het onrecht voort
het bloeit haast ongestoord,
niemand komt tussenbeide

5. Maar Gij, de Allerhoogste
zolang de wereld is-
werkers der duisternis
zult Gij de dood doen oogsten.
Uw tegenstanders, Here,
zullen als kaf vergaan;
ten oordeel opgestaan
zult Gij de vijand keren.

6. Gij zult de eer verhogen
van wie vernederd wordt,
uw kracht is uitgestort,
uw licht verlicht de ogen.
Mijn ziel zal zich verblijden;
daar ligt terneergeveld
al wie zich met geweld
vergreep aan Gods bevrijden.

7. Zoals de cederbomen
hoog op de Libanon,
staan bij de levensbron
de nederige vromen.
Die in Gods huis geplant zijn,
zij bloeien in Gods licht
als palmen opgericht.
Hun lot zal in zijn hand zijn.

8. Zij zullen vruchten dragen
voor 's Heren heiligdom
tot in hun ouderdom,
tot in hun grijze dagen.
Welsprekend is hun leven;
God is hun heil, hun rots!
Ik loof de daden Gods,
zijn recht is hoog verheven.

1. 't Is goed de Heer te loven,
zijn dag zij Hem gewijd.
O hoogste majesteit,
mijn psalm stijgt op naar boven.
Uw goedheid zij geprezen
vroeg in de morgenstond,
des nachts bezingt mijn mond
uw trouw aan mij bewezen.

2. Zingt vrolijk bij de klanken
van citer, harp en luit.
Laat blij uw stemgeluid
Hem voor zijn goedheid danken.
Want door uw daden, Here,
hebt Gij mij zeer verheugd.
Verwonderd en met vreugd
zal ik uw werken eren.

3. Hoe diep zijn uw gedachten!
Een dwaas kan niet verstaan
dat eens ten onder gaan
wie uw gebod verachten.
Hoe weelderig zij leven,
als onkruid op het land,
verdelgen zal uw hand
al wie uw wil weerstreven.

4. Maar, Here, hoog verheven,
Gij troont in eeuwigheid.
Voor uw gerechtigheid
moet elke vijand beven.
Want zie, al wie U haten,
doet Gij te gronde gaan,
uw gramschap zal hen slaan,
verstrooid hen achterlaten.

5. Hoe groot zijn, Heer, uw daden!
Mijn hoorn van grote kracht
geeft Gij de overmacht
op wie uw wetten smaden.
Met olie, vers gestoten,
zorgvuldig toebereid,
mag ik vol dankbaarheid
geheel zijn overgoten.

6. Mijn oog zal hen aanschouwen
die loeren op geweld,
maar door U neergeveld,
mijn hart nooit meer benauwen.
Op al wie mij belagen,
zie ik tevreden neer.
Ik vrees hun haat niet meer.
Slechts hoort mijn oor hun klagen.

7. De vromen zullen bloeien
als palmen in de zon,
zoals op Libanon
de cederbomen groeien.
Zij heffen zich naar boven,
gekoesterd door Gods hand,
in 's Heren huis geplant
tot sieraad in zijn hoven.

8. Ook in hun grijze dagen
zijn zij nog jeugdig fris.
God, die waarachtig is,
doet hen veel vruchten dragen.
Lang zullen zij getuigen
van de getrouwheid Gods.
De Here is mijn rots,
Hij zal het recht nooit buigen.