Bundel De NieuwepsalmberijmingDe steun van een vrienden- kring die elk jaar een be- scheiden steentje bijdraagt is onmisbaar voor ons.

Word daarom vriend van stichting Dicht bij de Bijbel en ontvang het boek 'Alleen Uw liefde laat mij leven' t.w.v. € 18,99 geheel gratis!

Psalm 139 - Zang: Gerald Troost

Bekijk de volledige tekst

Samenzang Psalm 98 en 122

Bekijk de volledige tekst

Schrijf je in voor de nieuwsbrief:

de nieuwe psalmberijming

De psalmen waren het liedboek van Jezus. Hij droeg ze in zijn hart. Op de meest kritieke momenten horen we Jezus de psalmen herhalen die Hij heeft geleerd. In onze kerkelijke liedcultuur mogen we de psalmen niet verliezen. De oude Geneefse melodieën zijn voor velen vertrouwd en zijn nog altijd uitstekend te zingen onder begeleiding van verschillende instrumenten. De Nieuwe Psalmberijming biedt u een berijming die én eigentijds is én dicht bij de Bijbeltekst blijft. 

De Nieuwe Psalmberijming is een initiatief van de stichting Dicht bij de Bijbel. Deze stichting wil de inhoud van de Bijbel op een aansprekende manier toegankelijk maken door het vervaardigen van Schriftberijmingen in eigentijdse taal. In de loop van 2014 is de stichting gestart met De Nieuwe Psalmberijming en ondertussen zijn er ruim 110 psalmen afgerond die op de website te vinden zijn.

Ga direct naar de afgeronde psalmen

In onze gemeente proberen we het oude van de traditie in verbinding te brengen met het nieuwe van nu. De Nieuwe Psalmberijming sluit daar perfect bij aan. Op deze manier kunnen we met jong en oud de psalmen blijven zingen. Lees meer »

Ds. E. de Jong | Doopsgezinde Gemeente te Ouddorp

Ds. E. de Jong
Doopsgezinde Gemeente te Ouddorp

Lees alle quotes

Onlangs toegevoegde psalmen

1. Ik schuil bij U met al mijn zorgen.
Beschaam mij niet, o HEER.
Spreek recht, help ook dit keer.
In U, mijn rots, ben ik geborgen.
U zult mij zorgzaam leiden,
mij uit het net bevrijden.

2. Mijn leven leg ik in uw handen.
U, trouwe God, maakt vrij.
Ik haat afgoderij,
maar voel voor U mijn liefde branden,
voor U die mijn ellende
en zielsbenauwdheid kende.

3. Schep ruimte, HEER, heb mededogen.
Ik zit in diepe nood.
De afbraak is zo groot!
Zwak is mijn lijf, dof zijn mijn ogen.
Mijn zonden - zij verzwaren
mijn moeitevolle jaren.

4. Ik word bespot door mijn belagers,
door buren nog het meest.
Wie vrienden zijn geweest
zijn nu veranderd in beklagers.
Om wat ik heb te lijden
gaan mensen mij vermijden.

5. Voor velen ben ik afgeschreven,
een stukgebroken pot,
voor dood verklaard, bespot.
HEER, ik moet vrezen voor mijn leven,
omdat mijn haters samen
een moord op mij beramen.

6. Op U, mijn HEER, blijf ik vertrouwen.
Ik zeg: U bent mijn God,
in uw hand ligt mijn lot.
Laat niet de vijand mij benauwen.
Doe liefdevolle daden;
betoon me uw genade.

7. Maak toch uw dienaar niet te schande,
want, HEER, U roep ik aan,
maar laat te schande staan
en zwijgend in het graf belanden
wie zelfgenoegzaam liegen,
wie heiligen bedriegen.

8. Hoe groot is, HEER, wat U zult geven
aan wie bij U als kind
zijn troost en toevlucht vindt.
Bij U geborgen is zijn leven.
Hij vindt bij U ontferming.
Uw tent geeft hem bescherming.

9. God zij gedankt, want door een wonder
heeft Hij zijn kind ontzet,
uit doodsgevaar gered.
Ik dacht: ‘Mijn leven gaat ten onder.’
Te snel sprak ik die woorden:
U was het die mij hoorde.

10. Bewijs God eerbied, jullie allen
die trouw zijn aan de HEER.
Hij zorgt voor je verweer,
maar goddelozen laat Hij vallen.
Wees sterk en vastberaden
en hoop op zijn genade.

1. Laat ons vooral geen lof ontvangen, HEER.
Alleen uw naam verdient de hoogste eer,
uw trouw, HEER, uw genade.
‘Waar is hun God dan?’ klinkt het wereldwijs.
De hemel is zijn koninklijk paleis.
Zijn plannen worden daden.

2. De goden waar het heidendom op bouwt,
zijn maar gemaakt van zilver en van goud
en door een mens geschapen.
Al zien ze er ook indrukwekkend uit,
blind is hun oog, hun mond geeft geen geluid.
Doodstil staan ze te slapen.

3. Wie afgodsbeelden smeedt, gaat eraan stuk.
Dus, Israël, zoek altijd je geluk
bij Hem die jou laat leven.
Vertrouw de HEER, Hij is je hulp in nood.
Wie op Hem bouwt, verlost Hij van de dood,
zal Hij zijn zegen geven.

4. De HEER kijkt naar ons om, Hij doet ons goed.
Hij zegent ons, Hij gunt zijn overvloed
aan wie aan Hem wil denken.
Laat Hem die lucht en land heeft voortgebracht
zowel aan u als aan uw nageslacht
royaal zijn gaven schenken.

5. De hemel is de hemel van de HEER.
Van daaruit ziet Hij op de aarde neer,
die ons is toegewezen.
De doden brengen Hem hun lofzang niet,
maar wij die leven zingen luid een lied:
Hij wordt voorgoed geprezen!

1. Luister, mijn God, hoor naar mijn smeken.
Ten einde raad vraag ik een teken
dat U mij helpt en wilt behoeden.
De vijand schreeuwt, hij tiert en dreigt.
Wanneer hij daar de kans voor krijgt
treft hij mij met zijn haat en woede.

2. Angst voor de dood houdt mij gevangen.
Diep in mij leeft een sterk verlangen
om wiekend op te kunnen stijgen
zoals een duif, om vrij te zijn!
Dan vluchtte ik naar de woestijn,
weg, heel ver weg van al hun dreigen.

3. Heer, zaai verwarring in hun spreken,
nu twist en strijd de vrede breken.
De stad, haar pleinen en haar muren
zijn het toneel van list en kwaad;
er heerst terreur van vroeg tot laat.
Hoe lang nog zal die rampspoed duren?

4. Werd ik bespot door wie me haten,
het zou me onverschillig laten.
Hoon komt van jou, op wie ik bouwde!
We waren vrienden, één van geest;
met velen vierden we Gods feest.
Je was een man die ik vertrouwde.

5. Laat hen hun schulden maar betalen,
laat hen maar in de grafkuil dalen.
Ze zijn een werktuig van het kwade.
Maar ik, ik roep tot God. Tot Hem
klinkt smekend dag en nacht mijn stem.
Hij geeft mij redding en genade.

6. Mijn tegenstanders zijn met velen,
maar ik mag in Gods vrede delen.
Hij heerst vanaf de vroegste tijden.
Mijn vijand spreekt, glad als een aal;
levensgevaarlijk is zijn taal,
maar God zal hem de pas afsnijden.

7. Laat God, de HEER, je lasten dragen.
Hij steunt wie om verlichting vragen,
houdt overeind wie op Hem bouwen.
U straft de goddeloze zwaar;
te gronde gaat de moordenaar.
Maar ik, ik blijf op U vertrouwen.

1. God is onze kracht!
Laat je stem maar schallen.
Speel uit alle macht
op bazuin en fluit,
tamboerijn en luit.
Feest is het voor allen.

2. Dit is een bevel.
Jakob moet getuigen:
God heeft Israël
van het juk bevrijd,
van de dienstbaarheid.
Farao moest buigen.

3. Ik heb alle last
van hen afgenomen,
want Ik greep hen vast.
Op hun smeekgebed
heb Ik hen gered,
is mijn hulp gekomen.

4. Uit een donderwolk
liet Ik antwoord klinken.
Dit verstokte volk
maakte Mij bedroefd.
Ik heb hen beproefd
toen ze wilden drinken.

5. Luister, volk van Mij,
knoop het in je oren:
haat afgoderij!
Dien geen god van steen,
buig voor Mij alleen.
Jij moet bij Me horen.

6. Ik ben God, de HEER,
die jou heeft gedragen
en die altijd weer
rijkelijk en mild,
je verlangen stilt,
wat je ook zult vragen.

7. Maar dat volk van Mij
wou niets van Me weten,
schoof zijn God opzij,
was voor Mij niet bang,
ging zijn eigen gang,
koppig en verbeten.

8. Ach, had Israël
naar Mij willen horen,
dan versloeg Ik wel
alle tegenstand
en geen aartsvijand
zou hen nog verstoren.

9. Haters van de HEER
moesten voor Hem kruipen.
Maar zijn volk kreeg weer
volop prachtig graan;
honing zou spontaan
uit de rotsen druipen!

1. Koning is de HEER!
Mensen, buig je neer.
Vrees zijn majesteit,
zijn verhevenheid.
Cherubs zijn Gods troon.
Eerbied zet de toon.
Sion is zijn woning.
Heilig is de koning!

2. Wetten die U gaf
zijn volmaakt, zijn af.
Wat U hebt gezegd
is het ware recht.
Jakob gaat daardoor
in het rechte spoor.
Prijs Hem in zijn woning.
Heilig is de koning!

3. Priesters waren tolk,
baden voor hun volk.
God zag naar hen om:
uit de wolkkolom
kwam tot hen zijn stem
en zij dienden Hem.
Zijn wet, ons gegeven,
heiligt heel het leven.

4. U vergaf hun schuld,
toonde uw geduld.
Maar uw strenge hand
strafte tegenstand.
Hulde aan de HEER,
kniel vol eerbied neer.
Heilig is zijn woning.
Heilig is de koning!

1. Vanuit het diepe duister
vind ik geen uitweg, HEER.
Ik schreeuw om redding; luister,
geef aandacht, reageer.
U kent mijn hele leven,
mijn zondige gedrag.
Toch wilt U ons vergeven.
Uw naam verdient ontzag!

2. Ik blijf de HEER verwachten,
mijn ziel kijkt uit naar Hem.
Zijn woord vult mijn gedachten;
ik hunker naar zijn stem.
De HEER laat van zich horen,
blijf hopen, Israël!
Eens zal de morgen gloren
van redding en herstel.

Laatste nieuws

Psalm 31 toegevoegd

Lees meer »

Psalm 115 toegevoegd

Lees meer »

Psalm 55 is toegevoegd

Lees meer »

Psalm 99 toegevoegd

Lees meer »

Steun onze missie

Steun ons werk om de psalmen te herdichten in de taal van nu.

Betaal met iDEAL

of word vriend van Stichting Dicht bij de Bijbel voor € 37,50 per jaar en ontvang een uniek welkomstgeschenk.