Bundel De NieuwepsalmberijmingBESTEL DE BUNDEL:

Bestel de bundel met 30 nieuw berijmde psalmen. De psalmen in deze bundel zijn geschreven door de dichters Jan Pieter Kuijper, Arie Maasland, Adriaan Molenaar, Jan Boom en Arjen Vreugdenhil.

52 pagina's, paperback
ISBN: 9789023970392

 

Schrijf je in voor de nieuwsbrief:

Nu eens juichend dan weer klagend betrekken de psalmen God in het concrete leven van echte mensen. Ze worden ons door de Bijbel aangegeven om ons in de omgang met God op de juiste toonhoogte te brengen en te houden. Lees meer »

Arjan Witzier

Ds. B.A.T. Witzier
Christelijke Gereformeerde Kerk te Apeldoorn-Centrum

Lees alle quotes

Psalm 3

De nieuwe psalmberijming

1. Mijn God, de vijand staat
met man en macht paraat
om tegen mij te strijden.
Er wordt met mij gespot:
‘Hij krijgt geen hulp van God.’
Toch zult U mij bevrijden.
U bent mijn schild, mijn eer.
U richt mij op wanneer
mijn krachten het begeven.
Vanuit Jeruzalem
beantwoordt U mijn stem,
U waakt over mijn leven.

2. Ik sliep gerust vannacht:
de HEER heeft nieuwe kracht
voor deze dag gegeven.
Ik vrees de massa niet
die mij als mikpunt ziet,
want Hij beschermt mijn leven.
Sta op, mijn God en raak
mijn vijand op de kaak,
verbrijzel al zijn tanden.
Uw heil beslist de strijd.
Verlos ons, HEER en spreid
uw zegenende handen.

Tekst: Jan Pieter Kuijper

© 2014 Small Stone Media t/a Dicht bij de Bijbel
Alle rechten voorbehouden

De nieuwe psalmberijming

1. Mijn God, de vijand staat
met man en macht paraat
om tegen mij te strijden.
Er wordt met mij gespot:
‘Hij krijgt geen hulp van God.’
Toch zult U mij bevrijden.
U bent mijn schild, mijn eer.
U richt mij op wanneer
mijn krachten het begeven.
Vanuit Jeruzalem
beantwoordt U mijn stem,
U waakt over mijn leven.

2. Ik sliep gerust vannacht:
de HEER heeft nieuwe kracht
voor deze dag gegeven.
Ik vrees de massa niet
die mij als mikpunt ziet,
want Hij beschermt mijn leven.
Sta op, mijn God en raak
mijn vijand op de kaak,
verbrijzel al zijn tanden.
Uw heil beslist de strijd.
Verlos ons, HEER en spreid
uw zegenende handen.

Tekst: Jan Pieter Kuijper

© 2014 Small Stone Media t/a Dicht bij de Bijbel
Alle rechten voorbehouden

Geef feedback op deze psalm

Gebruik in diensten

Wij willen u aanmoedigen de liederen binnen uw kerkelijke gemeenschap te zingen, uit te voeren, teksten af te drukken en/of liedteksten te projecteren. Wij verwachten hierbij echter wel dat u een CCLi Licentie heeft afgesloten. Voor meer informatie CCLi Benelux.

Beamsheets

Van alle psalmen zijn beamsheets beschikbaar, zie de downloadlink hieronder. De beamsheets hebben een transparante achtergrond. U kunt uw eigen achtergrond gebruiken.
Wij raden u af om van de beamsheets een eigen database op te bouwen, omdat er op detail nog wel eens een wijziging wordt doorgevoerd in de tekst. Download dus bij de voorbereidingen van uw beamerpresentatie altijd de meest recente sheets van onze website.

Download hier de beamsheets

Audio-opname

Gespeeld door Dick Sanderman (via: PCorgel.nl)

1. Hoe vrees'lijk groeit, o God,
Het saamgezworen rot,
Dergenen, die mij drukken!
Zij maken niet alleen
Den opstand algemeen,
Om mij mijn kroon 't ontrukken,
Maar velen doen van mij,
Hoe bitter ik ook lij',
Nog deze smaadtaal horen:
"God zal hem nu niet meer
Verlossen als weleer;
Hem is geen heil beschoren."

2. Maar, trouwe God, Gij zijt
Het schild, dat mij bevrijdt,
Mijn eer, mijn vast betrouwen;
Op U vest ik het oog;
Gij heft mijn hoofd omhoog,
En doet m' Uw gunst aanschouwen.
'k Riep God niet vrucht'loos aan;
Hij wil mij niet versmaan.
In al mijn tegenheden;
Hij zag van Sion neer,
De woonplaats van Zijn eer,
En hoorde mijn gebeden.

3. Ik lag en sliep gerust,
Van 's HEEREN trouw bewust,
Tot ik verfrist ontwaakte;
Want God was aan mijn zij';
Hij ondersteunde mij
In 't leed, dat mij genaakte.
Ik zal, vol heldenmoed,
Daar mij Zijn hand behoedt,
Tienduizenden niet vrezen;
Schoon ik, van alle kant,
Geweldig aangerand
En fel geprangd moog' wezen.

4. Sta op, verlos mij, HEER'.
Gij hebt, o God, weleer
Getoond voor mij te waken,
Mijn haters onderdrukt,
En mij 't gevaar ontrukt;
Gij sloegt hen op de kaken,
Verbrekend onverwacht
Hun tanden door Uw macht;
'k Heb d' overhand verkregen!
Gij, HEER', alleen, Gij zijt
Verwinnaar in den strijd,
En geeft Uw volk den zegen.

1. Hoe veel is des volks, Heer,
Dat mij benijdt zo zeer?
Hoe veel mensen mij kwellen?
Hoe veel vijanden mijn
Nu sterk te velde zijn,
Die hen tegen mij stellen?
Ik zie daar veel voorwaar,
Die tot mij spreken klaar:
Vergaan zijn al mijn krachten;
Zijn God Die helpt hem niet
In dit kruis en verdriet.
Maar 't zijn ijdel gedachten.

2. Want Gij zijt Heer! mijn schild,
Die mij beschermen wilt
En mij ere wilt geven.
Gij doet, dat ik voortaan
Mag vrij openlijk gaan,
Met den hoofd opgeheven.
Ik heb in mijn ellend'
Mijn stem tot God gewend
En geklaagd in dit wezen.
Hij heeft ook naar Zijn woord,
Mijn klacht altijd verhoord
Van Zijnen berg geprezen.

3. Dies zal ik rust ontvaân
En zeker slapen gaan,
Bewaard voor alle schade.
Ik zal des morgens klaar
Ontwaken zonder vaar;
Want God wil mij slaan gade.
Honderdduizend bijeen
Deden mij vreze geen,
Wanneer zij zulks aanvingen
En mij wilden met haast,
Om te maken verbaasd,
Verstrikken en omringen.

4. Kom Heer! toon dat Gij zijt
Met mij tot allen tijd;
En dat Gij mijn vijanden
Op 't kinnebakken slaat.
En hen breekt met der daad
In stukken hare tanden.
Van U is 't, o Heer, goed!
Dat men verwachten moet
Hulp en troost vroeg en spade.
Want over Uw volk hier,
Stort Gij, Heer, goedertier
Zeer rijk'lijk Uw genade.

1. O Heer, de vijand stelt
zijn overmacht in 't veld
en staat mij naar het leven.
Ook hoor ik overal
dat niets mij baten zal
daar God mij heeft begeven.
Maar, Heer, Gij zijt mijn schild.
Ik heb bij U geschuild
met opgerichten hoofde.
Uit Sions heilig oord
kwam steeds uw wederwoord
als ik U riep en loofde.

2. Ik legde mij en sliep.
Ik wist dat wie mij schiep
voor mijn behoud zou waken.
De morgen is gekeerd
en ik mocht ongedeerd,
dank zij Gods trouw, ontwaken.
Nu is mijn vrees voorbij,
God ondersteunde mij
en blijft mij vergezellen.
Zo treed ik in het perk
hoe dreigend ook en sterk
tienduizenden zich stellen.

3. Sta op, verlos mij, Heer,
Gij sloegt reeds menig keer
met uw geduchte handen
mijn vijand op de kaak,
ja, Gij vergruisde vaak
der goddelozen tanden.
O Helper, help ook nu.
Elk heil berust bij U.
Wees met ons en strijd mede.
Dan daalt uw zegen neer,
want uw triomf, o Heer,
omgeeft uw volk met vrede.

1. O Heer, de tegenstand
komt op van alle kant,
men staat mij naar het leven.
Door velen wordt gespot:
Hij vindt geen hulp bij God,
die heeft hem nu begeven.
Maar toch bent U mijn eer,
U bent mijn schild, o Heer.
U wilt mijn hoofd verheffen.
Van Sion klinkt zijn stem,
wanneer ik roep tot Hem.
Geen onheil zal mij treffen.

2. Mij van Gods trouw bewust,
sliep ik geheel gerust,
tot ik verkwikt ontwaakte.
De Here was nabij,
Hij ondersteunde mij,
terwijl Hij mij bewaakte.
Ik zal vol nieuwe moed,
daar mij zijn hand behoedt,
tienduizenden niet vrezen.
Al word ik opgejaagd,
van elke kant belaagd,
de Heer zal met mij wezen.

3. Sta op, verlos mij, Heer!
U hebt, uw naam ter eer,
gesmaad de goddelozen.
U toont uw grote macht,
verbrijzelt door uw kracht
de tanden van de bozen.
Bij God, de Here, is
mijn hulp en troost gewis,
al is mij alles tegen.
Velosser, blijf nabij;
U redt en U maakt vrij.
Schenk aan uw volk uw zegen!