Bundel De NieuwepsalmberijmingDe steun van een vrienden- kring die elk jaar een be- scheiden steentje bijdraagt is onmisbaar voor ons.

Word daarom vriend van stichting Dicht bij de Bijbel en ontvang het boek 'Alleen Uw liefde laat mij leven' t.w.v. € 18,99 geheel gratis!

Schrijf je in voor de nieuwsbrief:

Eindelijk! Taal verandert razendsnel. Toch was de jongste officiële psalmberijming al dik 50 jaar oud. Voor de gemiddelde jongere een bijna onbegrijpelijk taalkleed. Super dat naast initiatieven als 'Psalmen voor Nu' en 'Levensliederen' er nu dit initiatief is. Lees meer »

Ds. K. de Vries | Gereformeerde Kerk Vrijgemaakt, Tituskapel te Amsterdam Zuid/West

Ds. K. de Vries
Gereformeerde Kerk Vrijgemaakt, Tituskapel te Amsterdam Zuid/West

Lees alle quotes

Psalm 48

De nieuwe psalmberijming

1. De HEER is groot, verheerlijk Hem.
Prijs Hem vanuit Jeruzalem,
vanuit zijn schitterende woning,
waar Hij regeert als grote koning.
Sions berg is mooi en hoog;
wat een lust voor ieders oog!
Op de hellingen verrijzen
indrukwekkende paleizen.
God zal zijn bescherming geven
aan wie in zijn vesting leven.

2. De volken sloten zich aaneen:
men bracht een leger op de been
om deze stad, zo mooi gelegen,
volledig van de kaart te vegen.
Maar na één blik op de stad
kozen ze het hazenpad.
Beving overviel hen allen,
als bij vrouwen die bevallen.
Zichtbaar werd wat mensen zeiden:
God zal Sion steeds bevrijden.

3. God, in uw tempel is het feest.
Wat bent U liefdevol geweest!
Wij prijzen, God, uw reputatie.
Uw naam is groot in elke natie.
Ieder koninkrijk erkent
dat U trouw en machtig bent.
Sions berg is in de wolken
met U, rechter van de volken.
Vrolijk juichen Juda’s steden,
zij bejubelen uw vrede.

4. Trek blij met ons om Sion heen
en tel de torens één voor één.
Bewonder alle vestingwerken
die deze fraaie stad versterken.
Breng de grootheid van zijn macht
over aan het nageslacht.
Zeg hun: ‘God zal ons omringen
met een muur van zegeningen.
Onze God zal ons bevrijden.
Hij blijft ons voor altijd leiden.’

Tekst: Jan Pieter Kuijper

© Small Stone Media t/a Dicht bij de Bijbel
Alle rechten voorbehouden

De nieuwe psalmberijming

1. De HEER is groot, verheerlijk Hem.
Prijs Hem vanuit Jeruzalem,
vanuit zijn schitterende woning,
waar Hij regeert als grote koning.
Sions berg is mooi en hoog;
wat een lust voor ieders oog!
Op de hellingen verrijzen
indrukwekkende paleizen.
God zal zijn bescherming geven
aan wie in zijn vesting leven.

2. De volken sloten zich aaneen:
men bracht een leger op de been
om deze stad, zo mooi gelegen,
volledig van de kaart te vegen.
Maar na één blik op de stad
kozen ze het hazenpad.
Beving overviel hen allen,
als bij vrouwen die bevallen.
Zichtbaar werd wat mensen zeiden:
God zal Sion steeds bevrijden.

3. God, in uw tempel is het feest.
Wat bent U liefdevol geweest!
Wij prijzen, God, uw reputatie.
Uw naam is groot in elke natie.
Ieder koninkrijk erkent
dat U trouw en machtig bent.
Sions berg is in de wolken
met U, rechter van de volken.
Vrolijk juichen Juda’s steden,
zij bejubelen uw vrede.

4. Trek blij met ons om Sion heen
en tel de torens één voor één.
Bewonder alle vestingwerken
die deze fraaie stad versterken.
Breng de grootheid van zijn macht
over aan het nageslacht.
Zeg hun: ‘God zal ons omringen
met een muur van zegeningen.
Onze God zal ons bevrijden.
Hij blijft ons voor altijd leiden.’

Tekst: Jan Pieter Kuijper

© Small Stone Media t/a Dicht bij de Bijbel
Alle rechten voorbehouden

Geef feedback op deze psalm

Gebruik in diensten

Wij willen u aanmoedigen de liederen binnen uw kerkelijke gemeenschap te zingen, uit te voeren, teksten af te drukken en/of liedteksten te projecteren. Wij verwachten hierbij echter wel dat u een CCLi Licentie heeft afgesloten. Voor meer informatie CCLi Benelux.

Beamsheets

Van alle psalmen zijn beamsheets beschikbaar, zie de downloadlink hieronder. De beamsheets hebben een transparante achtergrond. U kunt uw eigen achtergrond gebruiken.
Wij raden u af om van de beamsheets een eigen database op te bouwen, omdat er op detail nog wel eens een wijziging wordt doorgevoerd in de tekst. Download dus bij de voorbereidingen van uw beamerpresentatie altijd de meest recente sheets van onze website.

Download hier de beamsheets

Audio-opname

Gespeeld door Dick Sanderman (via: PCorgel.nl)

1. De HEER' is groot; elk zing' Zijn lof
In Salems stad en tempelhof,
Waar onze God, bij zuiv're tonen,
Op Zijnen heil'gen berg wil wonen.
Hoe schoon, hoe welgelegen,
Wat vreugd voor d' aard', wat zegen,
Is Sions berg ! hoe groots, hoe blij,
Hoe heerlijk aan de noorderzij!
Wie is 't, die niet de Godsstad roemt,
De stad des groten Konings noemt?

2. In haar paleizen vestigt God
Zijn troon; wordt daar erkend, een slot,
Een hoog vertrek voor 't volk te wezen;
Geen vorsten heeft men daar te vrezen.
Pas hadden zij, verbonden,
Den tocht zich onderwonden;
Pas hadden zij de stad in 't oog,
Of hun verwond'ring steeg zo hoog,
Dat, Sion slechts van ver te zien,
Hen straks van schrik terug deed vlien.

3. Daar greep hen beving aan, vervaard,
Vol smart, gelijk een vrouw die baart.
Zo doet G' een oostenwind de kielen
Van Tarsis' vloot in zee vernielen.
Wij zagen, 't geen onz' oren
Voorheen slechts mochten horen;
In deze stad, den troon der eer
Van God, der legerscharen HEER'.
Hij zal, door macht en kloeke daan,
In eeuwigheid haar vast doen staan.

4. Wij, o verheven Majesteit,
Gedenken Uw weldadigheid
In 't midden van Uw heil'ge woning.
Gelijk Uw Naam is; grote Koning,
Bij ons terecht geprezen,
Zo is Uw roem gerezen,
En bij de volken zeer vermaand,
Tot aan het uiterst' eind der aard.
Uw rechterhand, die 't kwaad niet duldt,
Is met gerechtigheid vervuld.

5. Dat Sions berg weergalm' van vreugd,
Laat Juda's dochters zijn verheugd,
Wijl Gij haar vijand sloegt in 't strijden.
Gaat Sion rond aan alle zijden;
Telt al den vestingwerken
En torens, die 't versterken;
Ja ziet met een oplettend oog,
Paleizen steig'ren hemelhoog,
En stout verduren al 't geweld,
Opdat gij 't aan uw kroost vertelt.

6. Want deze God is onze God;
Hij is ons deel, ons zalig lot,
Door tijd noch eeuwigheid te scheiden;
Ter dood toe zal Hij ons geleiden.

1. In de heilige stad voorwaar,
Die God Hem verkiest openbaar,
Is 't dat Hij steeds ons wil bewijzen
Zijn heerlijkheid niet om volprijzen.
Sion gelegen in 't noord,
Heeft onze God van nu voort
Hem geheiliget alvoren,
In een schoon land uitverkoren;
Daarin alleen t' alle tijden
Moet hem dat aardrijk verblijden.

2. In haar paleis is God bekend,
Een Bewaarder tot in den end;
Want de koningen spanden t' zamen,
En gewapend tegen haar kwamen,
Zij hebben Gods kracht gezien,
En waren verbaasd mitsdien;
Zij vlogen met groot versagen,
Zeer verschrikt zijnd' en verslagen,
En hebben met angst en beven
Hen al in de vlucht begeven.

3. Een smart gelijk des barens nood,
Heeft ze bevangen, klein en groot;
Gelijk als wan' Gij met tempeesten
De schepen breekt, minst met den meesten,
Wij hebben 't bevonden klaar,
Dat ons voorzeid was voorwaar
Te weten, dat de woonstede
Des sterken Gods vol van vrede,
Is de plaatse, daar met lusten
Onze God eeuwig wil rusten.

4. Hij heeft z' alzo gemaakt voortaan,
Dat z' eeuwiglijk wel zal bestaan;
Midden in Uw huis kan men, Heere!
Uwe gunste wel merken zere.
Dies werd alleszins verbreid,
Heer! Uwes Naams heerlijkheid.
Uwen lof hoort men verkonden
Overal uit alle monden.
Uw rechterhand is bevonden
Vol gerecht'heid t' allen stonden.

5. De berg Sion is zeer verblijd;
Ook houden vierdag nu ter tijd
De dochters van Juda lofwaardig.
Over Uw oordelen rechtvaardig,
Gaat rondom Sion niet kleen,
En telt haar torens meteen;
Haar sterkheid bemerkt eendrachtig;
Ziet ook haar muren zeer krachtig.
Dat Sion den nakoom'lingen
Bekend werde door deez' dingen.

6. Want onz' God heerset overal
Eeuwiglijk, dies Hij ook nu zal
Ons in dit leven wel geleiden,
Totdat de dood ons doet verscheiden.

1. De Heer is groot, zijn lof weerklinkt
waar op de berg de Godsstad blinkt.
Hoe schoon is Sion, hoe verheven,
een vreugd voor wie op aarde leven,
Hier wordt paal en perk gesteld
aan der wereld bruut geweld,
want hier staat de hoge woning
waar God zelf regeert als Koning.
En Hij toont zich t' allen tijde
de beschermer van wie lijden.

2. De vorsten sloten zich aaneen
en drongen op om Sion heen,
maar bij de aanblik van haar wallen
heeft 's Heren schrik hen overvallen
en zij vluchtten in hun nood.
Oostenwind verdreef hun vloot.
Ja, ons eigen oog aanschouwde
waar de vaadren op vertrouwden;
God heeft voor zijn stad gestreden,
eeuwig is Hij Sions vrede.

3. Wij loven, Heer, U in uw huis,
ons hart is in uw liefde thuis.
Gij die uw naam ons openbaarde,
uw lof is tot het eind der aarde.
Recht is in uw hand, o Heer,
Sion jubelt U ter eer.
Hoor hoe Juda 's dochters zingen
bij de grootse rechtsgedingen,
waar Gij vonnis hebt gewezen.
Ja, uw oordeel zij geprezen.

4. Komt, trekt verheugd om Sion heen,
en telt haar torens een voor een,
ziet hoe de bastions daar rijzen,
gaat door de zalen der paleizen.
Meldt het aan het nageslacht,
wat God heerlijk heeft volbracht;
ja, gij zult uw kind'ren leren;
deze god is onze Here;
nimmer zal Hij van ons scheiden,
tot de dood blijft hij ons leiden.

1. De Heer is groot en hoog geeerd
op Sions berg, waar Hij regeert.
Zijn stad, zo schoon en hoog gelegen,
geeft heel de aarde vreugd en zegen.
Koninklijk ligt Gods domein
Sion, aan de noorderzij.
Wie in haar paleizen wonen,
zal God Zich een burcht betonen,
aan zijn volk Zich openbaren
als een toevlucht in gevaren.

2. De vorsten trokken samen op,
ten strijde tegen Sions top.
Zodra zij deze vesting zagen,
stond heel hun legermacht verslagen.
Voor een bolwerk, zo geducht,
sloeg de vijand op de vlucht.
Door ontzetting werden allen
als door weeen overvallen.
God doet Tarsis' schepen breken,
als de stormwind op komt steken.

3. Wat ons van Sion was bericht,
wordt nu bevestigd door 't gezicht:
de Heer, de God der legerscharen,
blijft zelf zijn stad getrouw bewaren.
In uw tempel, dag en nacht,
wordt door ons uw gunst herdacht.
Eeuwig zij uw naam geprezen;
heel de wereld moet U vrezen.
Want uw rechterhand is machtig,
handhaaft recht en waarheid krachtig.

4. Wees, Sion, om Gods recht verheugd,
juicht, Juda's dochters, vol van vreugd.
Gaat rondom Sion, telt haar muren,
haar torens die de tijd verduren,
geeft op haar paleizen acht,
meldt het aan het nageslacht:
deze God is onze koning,
zie, zo heerlijk is zijn woning.
Tot de dood zal Hij ons leiden,
eeuwig zal Hij ons verblijden.