Bundel De NieuwepsalmberijmingDe steun van een vrienden- kring die elk jaar een be- scheiden steentje bijdraagt is onmisbaar voor ons.

Word daarom vriend van stichting Dicht bij de Bijbel en ontvang het boek 'Alleen Uw liefde laat mij leven' t.w.v. € 18,99 geheel gratis!

Schrijf je in voor de nieuwsbrief:

De tekst van Psalm 119 heeft mij blij verrast. Tijdens de voorbereiding van een kleine preekserie uit deze lange maar zo leeswaardige psalm heb ik met genoegen het lied in De Nieuwe Psalmberijming gezongen. Fijn te weten dat het lied van de eerste Hebreeuwse letter tot en met de laatste de Here j... Lees meer »

Ds. G. (Gerrit) de Klein | Vrije Evangelische Gemeenten

Ds. G. (Gerrit) de Klein
Vrije Evangelische Gemeenten

Lees alle quotes

Psalm 135

De nieuwe psalmberijming

1. Prijs de naam van God, de HEER,
dienaars van zijn huis en hof!
Lieflijk is die, geef Hem eer,
zing en breng Hem alle lof.
Jakob koos Hij voor zich uit;
Hij nam Israël tot bruid.

2. Groot is God, in zijn bestaan
overtreft Hij elke macht.
Aarde, lucht en oceaan
zijn getuigen van zijn kracht.
Wind en wolken wekt zijn stem;
bliksem, regen zijn van Hem.

3. In Egypte trof zijn hand
eerstgeboren mens en dier.
Plagen teisterden het land
van de grote Nijlrivier.
Farao had God getart,
niet te buigen was zijn hart.

4. God versloeg in Kanaän
vorsten met een machtig rijk,
trof hen tot de laatste man.
Niemand is aan Hem gelijk!
Hij schonk door zijn hoog bestel
al hun land aan Israël.

5. Eeuwig is uw naam, o HEER!
Altijd wordt uw roem vermeld.
Alle generaties weer
wordt uw liefde doorverteld:
hoe U hun hebt recht gedaan,
hoe U met hen bent begaan.

6. Goden door een mens gemaakt,
soms van zilver, soms van goud,
zijn ondanks hun glans toch naakt,
stom en blind en doof en koud.
Wie met zulke maaksels prijkt
wordt een mens die daarop lijkt.

7. Prijs de HEER, heel Israël!
Priesterstammen, prijs de HEER.
Prijs de HEER - een hoog bevel!
Halleluja, geef Hem eer!
Sion is het huis van Hem;
God woont in Jeruzalem.

Tekst: Bob Vuijk

© Small Stone Media t/a Dicht bij de Bijbel
Alle rechten voorbehouden

De nieuwe psalmberijming

1. Prijs de naam van God, de HEER,
dienaars van zijn huis en hof!
Lieflijk is die, geef Hem eer,
zing en breng Hem alle lof.
Jakob koos Hij voor zich uit;
Hij nam Israël tot bruid.

2. Groot is God, in zijn bestaan
overtreft Hij elke macht.
Aarde, lucht en oceaan
zijn getuigen van zijn kracht.
Wind en wolken wekt zijn stem;
bliksem, regen zijn van Hem.

3. In Egypte trof zijn hand
eerstgeboren mens en dier.
Plagen teisterden het land
van de grote Nijlrivier.
Farao had God getart,
niet te buigen was zijn hart.

4. God versloeg in Kanaän
vorsten met een machtig rijk,
trof hen tot de laatste man.
Niemand is aan Hem gelijk!
Hij schonk door zijn hoog bestel
al hun land aan Israël.

5. Eeuwig is uw naam, o HEER!
Altijd wordt uw roem vermeld.
Alle generaties weer
wordt uw liefde doorverteld:
hoe U hun hebt recht gedaan,
hoe U met hen bent begaan.

6. Goden door een mens gemaakt,
soms van zilver, soms van goud,
zijn ondanks hun glans toch naakt,
stom en blind en doof en koud.
Wie met zulke maaksels prijkt
wordt een mens die daarop lijkt.

7. Prijs de HEER, heel Israël!
Priesterstammen, prijs de HEER.
Prijs de HEER - een hoog bevel!
Halleluja, geef Hem eer!
Sion is het huis van Hem;
God woont in Jeruzalem.

Tekst: Bob Vuijk

© Small Stone Media t/a Dicht bij de Bijbel
Alle rechten voorbehouden

Geef feedback op deze psalm (opent in nieuw tabblad)

Gebruik in diensten

Wij willen u aanmoedigen de psalmen van De Nieuwe Psalmberijming binnen uw kerkelijke gemeenschap te zingen, uit te voeren, teksten af te drukken en/of liedteksten te projecteren.

Wij verwachten wel dat u een CCLi Licentie heeft afgesloten. Voor meer informatie CCLi Benelux. Gebruik voor deze psalm liednummer 7133413 bij uw rapportage aan CCLi.

Beamsheets

Van alle psalmen zijn beamsheets beschikbaar, zie de downloadlink hieronder. De beamsheets hebben een transparante achtergrond. U kunt uw eigen achtergrond gebruiken.
Wij raden u af om van de beamsheets een eigen database op te bouwen, omdat er op detail nog wel eens een wijziging wordt doorgevoerd in de tekst. Download dus bij de voorbereidingen van uw beamerpresentatie altijd de meest recente sheets van onze website.

Download hier de beamsheets

Melodie

Gespeeld door Dick Sanderman (via: PCorgel.nl)

1 Prijst den Naam van uwen God,
's HEEREN knechten, hier vergaard;
Prijst Zijn Naam en wijs gebod,
Daar g' in 't voorhof staat geschaard,
En uw ambt bekleedt met eer
In het huis van onzen HEER'.

2 God is goed, looft Hem te zaam
Met gezang en snarenspel.
Prijst Zijn liefelijke Naam,
Want de HEER' heeft Israel,
Zich ten eigendom geschikt,
Jakob door Zijn heil verkwikt.

3 God is groot; ik weet dat Hij
Hoger is dan alle goon.
Onze God voert heerschappij,
Hij beheerst van Zijnen troon
Hemel, afgrond, zee en aard':
God is aller hulde waard.

4 't Eind der aard' werpt dampen uit
Door Gods macht, die 't al volbrengt,
En met 's donders schor geluid
Bliksemvuur en regen mengt;
God brengt winden, door een woord,
Uit zijn schatgewelven voort.

5 God, die vrees'lijk is en groot,
Sloeg, Zijn heil'gen Naam ter eer,
Alle d' eerstgeboor'nen dood,
Velde vee en mensen neer;
Daar Hij teek'nen van Zijn kracht
Over gans Egypte bracht.

6 Hij verbaasde Faro's hof;
Sloeg de volkeren alom,
Wierp de koningen in 't stof:
Sihon, Og en 't vorstendom
Van den trotsen Kananiet,
En den stouten Amoriet.

7 Isrel kwam door 's Hoogsten hand
In 't bezit van hunnen staat.
God gaf hun gezegend land
Tot een erv' aan Jakobs zaad.
HEER', Uw Naam en majesteit,
Blijven tot in eeuwigheid.

8 Van geslachte tot geslacht
Wordt, naar onzen duren plicht,
Bij het volk Uw gunst herdacht,
Wijl Gij Zelf, o HEER', hen richt,
En aan hen, schoon diep in schuld,
Met berouw gedenken zult.

9 D' afgoon van het heidendom,
Goud of zilver, goon in schijn,
Hebben lippen, maar zijn stom;
Zij, die 't werk van mensen zijn,
Waar men genen geest in vindt,
Hebben ogen, maar zijn blind.

10 Oren ziet men aan hun hoofd,
Maar zij horen er niet mee;
Zij, van ademtocht beroofd,
Zijn nog minder dan het vee.
Die tot hen om hulp genaakt,
Worde hun gelijk gemaakt.

11 Israellers, looft al t' zaam
Uwen God, den God der eer;
Loof, Aarons huis, Zijn Naam,
Huis van Levi, loof den HEER!
Looft gij allen, die Hem vreest,
Looft Hem met verheugden geest.

12 Sion, loof met dankb're stem
God, uw HEER', die eeuwig leeft,
En het schoon Jeruzalem,
Door Zijn woning luister geeft.
Loof Hem voor uw heilrijk lot,
Loof al juichend uwen God!

1. Looft nu vrij onzes Gods Naam,
Al gij dienaars des Heeren;
Komt, wilt Hem prijzen alt'zaam,
Gij, die daar woont met ere
In Zijn huis; wilt Hem loven
In Zijn schone voorhoven.

2. Looft den Heer, want Hij is goed,
Zijns Naams eer laat nu horen;
Hij is lieflijk ende zoet.
Dies heeft Hij hem verkoren
Israël en Jakob vroom,
Tot een eeuwig eigendom.

3. Ik weet uit Gods geboden,
Dat de Heer hoog geprezen
Meerder is dan d' afgoden;
Want wat Hij wil moet wezen,
In hemel en aarde bloot,
In de zee diep ende groot.

4. Hij doet de wolken opstaan
Van 't einde des aardrijken;
Den bliksem laat Hij uitgaan,
Den regen desgelijken;
Hij brengt den wind voort vol macht
Uit Zijn schatkamer met kracht.

5. D' eerstegeboren in 't land
Egypte zijn gestorven,
Mens en vee kwamen ter schand'
En waren t' zaam verdorven.
In Egypte zag men klaar
Gods tekenen wonderbaar.

6. Farao was verslagen
Met zijn knechten al t' zamen,
Koningen tot die dagen
En volkeren omkwamen.
Sihon en Og tot Basan,
Vergingen in Kanaän

7. Hij gaf Zijn volk Israël
Haar land tot ene erve,
Om dat te bezitten wel
Altijd zonder verderven.
Heer! Uwes Naams heerlijkheid
Geduurt in der eeuwigheid.

8. Gods gedachtenisse fijn
Geduurt tot allen tijden.
De Heer zal ook dat volk Zijn
Richten en doen verblijden.
Hij zal Zijnen knechten goed
Vriend'lijk wezen ende zoet.

9. Der heidenen beelden slecht,
Zilver en goud steeds blijven;
't Maaksel der mensen onrecht,
Om boosheid te bedrijven.
Haar mond kan gans spreken niet,
Geen harer ogen iets ziet.

10. Haar oren niet horen gaar,
Geen geest komt uit de monden.
Die die maken zijn voorwaar
Alzo; zij ook, die gronden
Vast daarop haar betrouwen
Ende haar hope bouwen.

11. O, gij huis van Israël,
Zing, wil God eer bewijzen;
Loof Hem Aärons huis snel,
't Huis Levi wil Hem prijzen.
Looft den Heer, Hem ook nu vreest,
Prijst Hem, dankt Hem in den geest.

12. Geloofd en hoog verheven
Zij God uit Sion krachtig;
Die Hem gans heeft begeven,
Om te blijven woonachtig
In de stad Jeruzalem;
Looft Hem met harten en stem.

1. Halleluja! looft den Heer,
prijst zijn naam en majesteit,
toegewijden aan zijn eer,
die vanouds zijn knechten zijt,
gij die uw verheven plicht
in de tempelhof verricht.

2. Prijst den Heer, want Hij is goed.
Stemt uw snaren en vertolkt
dat zijn naam ons leven doet.
Hij koos Jakob tot zijn volk,
Israël tot kroonsieraad
van zijn goddelijke staat.

3. Boven al wat blinkt in eer,
boven alle machten uit,
is de Heer een enig Heer.
Hij volvoert wat Hij besluit.
Hemel, aarde, zee en land,
zelfs de oervloed dwingt zijn hand.

4. Van de verre zoom der aard
roept Hij nevels naar het licht.
Hij die regens heeft vergaard,
slingert ook zijn bliksemschicht.
Uit zijn schatgewelf laat Hij
het tumult der winden vrij.

5. In Egypte sloeg zijn macht
alle eerstgeboornen neer,
mens en dier viel door zijn kracht.
Grote tekens van zijn eer
hebben vorst en volk ontsteld,
hebben stad en land gekweld.

6. Volkeren heeft Hij verjaagd
aan de oevers der Jordaan;
vorsten heeft Hij weggevaagd.
Israël kon veilig gaan
naar het land waar Abraham
eenmaal als een vreemd'ling kwam.

7. Hij heeft Israël dat land
als een erfdeel toegedacht.
Heer, uw naam houdt eeuwig stand.
Van U spreekt het verst geslacht.
Uw genaderijk bestel
schept het recht voor Israël.

8. Aller volken goden zijn
goud en zilver, pracht en praal,
werk van 's mensen hand en brein,
zonder geest en zonder taal.
Zij zijn blind en zij zijn doof
voor aanbidding en geloof.

9. Wat men ook tot goden wijdt,
't is maar schijn en onbezield.
Al wie afgodsbeelden snijdt
en voor eigen maaksel knielt,
gaat te gronde met het goud
waar hij blind'lings op vertrouwt.

10. Zegen, Israël, den Heer,
priesters, looft zijn majesteit,
tempeldienaars, prijst zijn eer,
looft Hem, wie zijn naam belijdt.
Hij woont bij ons in gena.
Prijst den Heer. Halleluja!

1. Looft de Here, prijst zijn naam,
knechten van de hoge God,
u die tot zijn dienst bekwaam,
alles doet naar zijn gebod
en uw ambt bekleedt met eer
in het huis van onze Heer.

2. Looft Gods goedheid in uw zang.
Lieflijk klinkt zijn naam alom.
Jakob immers is reeds lang
zijn bijzonder eigendom.
Hij verkoos zich Israël
naar zijn eigen hoog bestel.

3. Ja, ik weet: groot is de Heer,
die geen god naast Zich verdraagt.
Hem alleen komt toe de eer.
En Hij doet wat Hem behaagt.
Aard' en hemel zijn van Hem,
zee en land bedwingt zijn stem.

4. 't is de HEER,die groot in macht
verten in de nevels hult,
die bij regen onverwacht
heel de lucht met bliksem vult.
Stormen komen op zijn woord
uit zijn voorraadkamers voort.

5. God sloeg in Egypteland
alle eerstgeboornen neer.
Machtig was zijn slaande hand:
mens en dier bezocht de Heer.
Farao noch onderdaan
kon die straf van God ontgaan.

6. God sloeg volken door zijn kracht,
sterke vorsten trof de Heer.
Sichon zwichtte voor zijn macht,
Og vam Basan sloeg Hij neer.
Ieder rijk in Kanaän
werd geslagen met de ban.

7. Al dit vruchtbaar grondgebied
erfde Israël geheel.
God, die hen daar wonen liet,
gaf het aan zijn volk ten deel,
tot bezit, eeuw in, eeuw uit,
naar zijn goddelijk besluit.

8. Heer, uw naam die heerlijk is
zal in eeuwigheid bestaan.
Nooit zal uw gedachtenis
bij het nageslacht vergaan.
Want Hij doet zijn volk naar recht,
schenkt ontferming aan zijn knecht.

9. Beelden, door een mens gemaakt,
kunnen nimmer goden zijn:
is hun mond soms welbespraakt,
is hun horen meer dan schijn?
Maakt men ooit een god van goud,
die een mensenkind behoudt?

10. Afgodsbeelden, dood en kil,
staren in een blind verschiet.
Zij zijn onbezield en stil
en hun oren horen niet.
Wie een beeld maakt tot zijn god,
deelt met hem hetzelfde lot.

11. Israël, loof God, de Heer.
Prijs, Aärons huis, uw God.
Huis van Levi, geef Hem eer;
u die leeft naar zijn gebod,
looft Hem om zijn majesteit,
prijst de Heer in eeuwigheid.

12. Sion, zing met blijde stem
voor uw Heer, die eeuwig leeft.
Loof Hem, die Jeruzalem
door zijn woning luister geeft.
Halleluja. Wees verblijd,
Prijs de Heer in eeuwigheid.

Bijbelteksten

Het uitgangspunt van De Nieuwe Psalmberijming is de Hebreeuwse grondtekst, niet een specifieke vertaling.

Ter referentie vindt u hieronder de links naar de tekst van de psalm in diverse Nederlandse vertalingen.